Wie in de jaren zeventig op zaterdagavond voor de buis zat, kent de herkenningsmelodie van Q & Q waarschijnlijk nog uit het hoofd. De man die die serie regisseerde, Bram van Erkel, is overleden. Hij werd 94 jaar. NU.nl bracht het nieuws op 27 oktober. Ik zet zijn bekendste werk op een rij, want het is meer dan je misschien denkt.
Q & Q, de serie van vier miljoen kijkers
Q & Q ging over twee vrienden, Aristides Quarles van Ispen en Wilbur Quant, die in het verzonnen dorp Runkum toevallig misdadigers op het spoor komen. Omdat de volwassenen en vooral de politie ze maar half geloven, gaan ze zelf op onderzoek uit, met hulp van de oudoom van Aristides. De eerste reeks van dertien afleveringen kwam in het najaar van 1974 bij de KRO op het scherm, de tweede in 1976. Een ingekorte versie van die tweede reeks draaide later ook als film in de bioscoop.
Van Erkel maakte de serie samen met schrijver Harrie Geelen en componist Joop Stokkermans, en het lied werd gezongen door Robert Long. Volgens het Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid trok de eerste reeks ongeveer vier miljoen kijkers per aflevering, zo staat op Wikipedia. Dat is een aantal waar een zaterdagavondprogramma nu alleen van kan dromen. Het laat zien hoe groot een jeugdserie in die tijd kon worden, toen er nog maar twee zenders waren.
Van Oebele tot Het wassende water
Van Erkel begon als onderwijzer en ging in 1960 voor de televisie werken. Het duo Geelen en Stokkermans kende hij al van Oebele, het muzikale kinderprogramma van de KRO dat hij van 1968 tot 1971 regisseerde, met Wieteke van Dort en Willem Nijholt in de hoofdrollen. In de jaren zeventig stond hij zelf ook voor de camera, als presentator van Klassewerk, waarin klassen van lagere scholen het tegen elkaar opnamen.
Later verschoof zijn werk naar drama voor volwassenen. Een greep uit wat hij regisseerde.
- Duel in de diepte (1979), met onder anderen Rutger Hauer
- Het wassende water (1986), met Thom Hoffman, op zijn hoogtepunt goed voor bijna zeven miljoen kijkers
- Het Twentsche paradijs (1988), over de neergang van de Twentse textielindustrie, met Huub Stapel
- De zomer van ’45 (1991), over Nederlandse vrouwen die na de bevrijding een relatie kregen met Canadese militairen
- In naam der koningin (1996), opnieuw met Thom Hoffman
- Ben zo terug (1999 tot 2000), de VARA-komedie rond een kapsalon in Rotterdam
Ook bij Bergen Binnen, het vervolg op Oppassen!!!, was hij een van de regisseurs. Zijn laatste kinderserie was Schudden tot het sneeuwt, die zich in een sneeuwbol afspeelde en tot 2005 bij de AVRO te zien was.
Waarom zijn werk nog terugkomt
Wat me opvalt aan die lijst, is hoe vaak Van Erkel werkte met dezelfde mensen en hoe makkelijk hij wisselde tussen kinderen en volwassenen. Van een sprookjesachtig graafschap in Oebele ging hij naar een dijkgraaf in Het wassende water en een kapsalon in Rotterdam. Die vaste ploeg met Geelen en Stokkermans verklaart volgens mij ook waarom Oebele en Q & Q nog altijd samen worden genoemd. Ze klinken en voelen als familie van elkaar, en dat is precies wat een hele generatie zich nu herinnert nu hij er niet meer is.




