Het is half zeven ‘s ochtends in mei, het is nog koel maar het wordt al licht, en ik zit op de onderste tree van onze trap in een wollen vest met mijn handen om een mok hete gemberthee. Ik hoor mijn dochter boven praten tegen haar knuffels en ik weet dat ik nog ongeveer zeven minuten van rust heb. Niet veel — maar genoeg. Dit is mijn moment. Het ritueel dat ik me eigen heb gemaakt, dat me door de rest van de dag heen draagt, of die dag nu loopt of zoals vorige donderdag totaal in elkaar zakt op een lekke band en een kind dat overgeeft op zijn jas. Geen meditatie-app. Geen lijstje. Geen prestatie. Gewoon iets klein, herhaald, bewust.
Hoe het ritueel begon (en waarom)
In het najaar van 2024 zat ik echt op. Ik herken het signaal nu — ik werd elke ochtend om kwart over zes wakker met een knoop in mijn maag. Ik schreef daar eerder iets uitgebreider over in het stuk over mijn werk-privé-balans, maar samengevat: ik was leeggelopen. Een goede vriendin zei toen tegen mij: “Marlieke, je hebt geen vakantie nodig. Je hebt elke dag een klein moment voor jezelf nodig.” Ik dacht dat dat onzin was. Tien minuten ging mij niet redden. Maar ik probeerde het. En zij had gelijk. Niet omdat tien minuten zoveel oplost, maar omdat tien minuten elke dag laat zien dat je er bent. Voor jezelf.

Wat ik écht doe in dat half uur
Half uur klinkt veel. Het is meestal eerder twintig minuten, soms vijftien. Mijn ritueel ziet er ongeveer zo uit:
- Ik sta op zonder mijn telefoon te checken. De wekker is een Hema-ding, niet mijn telefoon.
- Ik loop naar beneden in een vest dat altijd over de leuning hangt. Geen omkleden, geen badjas, geen besluit.
- Ik zet een mok water op met verse gember, citroen en een snufje cayenne. Dat trekt vier minuten.
- Ik open één raam, gewoon een kier. Daglicht en koude lucht in mijn gezicht — dat is de signaal voor mijn lichaam dat de dag is begonnen.
- Ik schrijf drie zinnen in een notitieblok. Niet uitgebreid. Soms een zin over hoe ik me voel, soms over wat ik vandaag wil zijn (niet doen — zijn).
- Ik drink mijn thee bij het raam. Niet aan de keukentafel — bij het raam staan. Voeten op de grond. Ademen.
Klaar. Dat is het. Mijn vriend slaapt nog. De kinderen worden meestal pas om kwart over zeven wakker. Ik heb mezelf gegeven wat ik nodig heb.
Waarom dit me door de dag draagt
Ik dacht eerst dat het bij dat ene moment zou blijven. Lekker rustig ‘s ochtends, en dan ben je om elf uur weer dezelfde gestreste vrouw. Maar dat is niet wat er gebeurt. Wat ik merk: doordat ik mijn dag begin met een bewuste handeling die ik vóór anderen voor mezelf doe, geef ik mezelf de hele dag toestemming om bij mezelf terug te komen. Als ik om half twee gestrest word over een mail, denk ik aan die thee. Als de kinderen om half vijf ruzie maken, hoor ik mezelf bijna zeggen: rustig, ademen. Het is alsof ik ‘s ochtends een klein moeilijk-bereikbaar plekje in mezelf heb geopend, en de rest van de dag kan ik daar nog bij. Zonder dat moment zat dat plekje achter een dichte deur.
Wat ik bewust niet doe
Geen meditatie-app. Niet omdat ze niet werken, maar omdat ik dan op mijn telefoon zit, en dan ben ik onherroepelijk binnen drie minuten ergens anders aan het lezen. Geen Pinterest-perfect “morning shake” met negen ingrediënten. Geen yoga-mat uitrollen. Geen journaling met prompts uit een Instagram-post. Dat zijn allemaal mooie dingen voor andere mensen, maar voor mij voelen ze als nog een prestatie. Ik wilde juist een moment waarin ik níks hoefde te halen. Mijn ritueel is bewust niet “optimaal”. Het is gewoon van mij.
Op de dagen dat het mislukt
Ze zijn er. Mijn jongste komt om kwart voor zes naar beneden, ik krijg geen vijf seconden alleen, mijn vriend heeft een vroege call. Of ik ben gewoon zo moe dat ik mijn wekker uitzet en doorgaan met slapen tot zeven uur de enige optie is. Op die dagen probeer ik later in de ochtend een kleine vorm van het ritueel terug te pakken. Geen thee, maar een kop koffie buiten op het bordes na het wegbrengen van de kinderen. Geen drie zinnen schrijven, maar één bewuste ademhaling voor ik mijn werkdag begin. Het idee is niet de uitvoering — het idee is dat ik mezelf zie. Eén minuut bewust ademen is genoeg. Echt.
Wat ik anderen zou aanraden
Niet mijn ritueel kopiëren. Maak je eigen. Wat is een ding dat jou rustig maakt, dat je in je eigen huis kan doen, dat zo eenvoudig is dat je het volhoudt? Voor mijn moeder is dat in de tuin staan met een sigaret (ze rookt sinds 1972, ik ga haar niet meer veranderen). Voor mijn beste vriendin is het twintig minuten op een hometrainer terwijl ze een podcast luistert. Voor mijn buurvrouw is het haar hond uitlaten naar de bakker en daar een croissant kopen. Eén ding. Klein. Herhaalbaar. Voor jou.

Tot slot
Ik geloof dat we de kracht van rituelen onderschatten. Niet omdat ze ons gezonder maken (al doen ze dat ook), maar omdat ze ons aan onszelf herinneren. In een leven met kinderen, werk, partners, ouders en huizen vol stof — een leven dat altijd om mensen heen draait die iets van ons willen — is een klein moment voor onszelf geen luxe. Het is hoe we ervoor zorgen dat er nog iemand “ons” overblijft. Welk klein ritueel zou jij willen, als je het je toestaat? Schrijf het me. Ik lees alles, vaak met een tweede mok thee bij het raam.
Comments