Prins Harry en Meghan hebben donderdag hun eerste gezamenlijke publieke optreden gehad sinds ze in augustus terugverhuisden naar het Verenigd Koninkrijk. Ze brachten een dag door in Nottingham, waar ze drie organisaties voor kinderen, jongeren en gezinnen bezochten. “Het is geweldig om terug te zijn”, zei Meghan bij aankomst tegen een vrouw in het publiek, meldt NU.nl. Het lijkt een gewoon goededoelenbezoek, maar de keuze voor deze stad zegt meer dan je op het eerste gezicht zou denken.
Drie bezoeken op één dag
De eerste stop was de Community Recording Studio, een liefdadigheidsorganisatie die jongeren leert werken met film, video en muziek. Harry was daar al eerder geweest. Buiten stonden mensen met ballonnen en bloemen, en het stel nam de tijd voor selfies, schrijft CNN op basis van het Britse persbureau PA. Binnen schoof Meghan aan bij een groep meisjes voor een workshop over zelfvertrouwen, waarbij ze vriendschapsarmbandjes maakten.
Daarna ging het naar Himmah Hub, een organisatie die zich inzet tegen voedselarmoede. Harry en Meghan kookten mee en pakten voedselpakketten in. Daar zag Meghan ook een paar vrouwen terug die na de brand in de Londense Grenfell Tower in 2017 kookten voor getroffen gezinnen. Zij stonden in het gemeenschapskookboek dat Meghan destijds steunde. Dat kookboek, Together, verscheen in 2018 met een voorwoord van Meghan en was een van haar eerste eigen projecten in het Verenigd Koninkrijk. Dat ze juist deze vrouwen opnieuw opzocht, laat zien dat ze de draad oppakt waar ze hem zes jaar geleden liet liggen. Bij de poort van Himmah Hub stonden volgens PA zo’n vijftig mensen te wachten.
Het laatste bezoek was aan Epic Partners, een organisatie voor kinderen en jongeren in de stad. Daar keek het stel naar een potje pool en hielp Meghan met het versieren van verjaardagscupcakes. Het waren drie kleine organisaties, geen van alle met een grote naam, en dat lijkt bewust gekozen.
Geen werkbezoek namens de koning
In veel berichten heet dit een werkbezoek, maar dat woord is net iets te groot. Harry en Meghan zijn sinds 2020 geen werkende leden van de koninklijke familie meer, en daar verandert hun verhuizing niets aan. Het paleis zette dat in september nog eens op papier in een brief namens koning Charles. Wat dat precies betekent, legden we uit in ons stuk over hun rol na de terugkeer naar het VK. Ze waren in Nottingham dus als publieke figuren die zelf gekozen projecten steunen, niet namens de vorst.
Voor Meghan was het wel een eerste. Harry verscheen sinds de verhuizing al vaker in het openbaar, onder meer bij een evenement rond de Invictus Games. Meghan werd vorige week voor het eerst gezien, in Londen bij Nobelprijswinnaar Malala Yousafzai, meldt ABC News. Dit was haar eerste dag met een publiek programma in het land. Dat merk je ook aan de beelden. Waar Harry de afgelopen weken vooral alleen te zien was, stonden ze nu de hele dag samen voor de camera, en dat was voor de Britse pers het eigenlijke nieuws.
Waarom juist Nottingham
En dan de stad zelf. Op 1 december 2017, een paar dagen na de bekendmaking van hun verloving, liepen Harry en Meghan in Nottingham hun allereerste officiële rondje langs het publiek, ter gelegenheid van World AIDS Day. Dat staat ook op de Engelstalige Wikipedia-pagina over Meghan. Bijna negen jaar later kiezen ze dezelfde stad voor hun eerste gezamenlijke dag als inwoners van het land.
Voor Harry is het bovendien geen toevallige plek. Hij heeft al jaren een band met jongerenwerk in Nottingham. In december 2024 maakte hij bekend dat hij 1,1 miljoen pond had geschonken aan BBC Children in Need, bestemd voor kleine organisaties in Nottingham die jongeren helpen die met geweld te maken hebben gehad. Wie dat weet, ziet in deze dag minder een spectaculaire terugkeer en meer een vervolg op werk dat hij allang deed.
Ik vind dat eerlijk gezegd een slimme en ook sympathieke keuze. Geen paleis, geen balkon, maar een opnamestudio, een buurtkeuken en een jongerencentrum in een stad waar ze al eerder kwamen. Na jaren waarin vooral hun conflicten met de familie het nieuws haalden, laten ze zo zien waar ze zelf voor willen staan. Of de Britse pers het ook zo ziet, merken we de komende weken vanzelf.