Vorig jaar zomer reden we voor het eerst écht op vakantie met onze elektrische auto. Niet een dagje Antwerpen, maar de hele weg naar de Vogezen — met twee kinderen, een dakkoffer, een tent, en mijn schoonmoeder die voor het hele traject minstens drie keer per uur vroeg of we wel genoeg accu hadden. Spoiler: we hebben genoeg accu gehad. Maar er ging zoveel anders dan ik dacht dat ik er nu, voordat we deze zomer naar de Provence rijden, alvast over schrijf. Want elektrisch op vakantie kan heel relaxed zijn, of een drama — en het verschil zit hem vooral in de voorbereiding. Niet in de auto. Wij rijden een Hyundai Ioniq 6 sinds 2023, en die heeft ons nog geen enkele keer in de steek gelaten — wij hebben onszélf wel een paar keer in de steek gelaten.

Wat ik anders doe sinds vorige zomer

Ik plan onze laadstops vóór we vertrekken. Niet handelsblad-strak, maar wel ongeveer. Met de app A Better Route Planner (ABRP) zet ik ‘s avonds van tevoren onze route met alle laadpauzes erin. Niet omdat de auto dat niet zelf kan, maar omdat ik dan al weet welke pauzes leuk zijn (een dorp met een goede bakker) en welke vermeden moeten worden (een snelweg-parkeerplaats zonder schaduw in 32 graden). Dat scheelt zoveel humeur tijdens de rit. Onze tweede stop vorig jaar was bij een Total in Frankrijk waar geen koffieapparaat werkte, twee laadpalen kapot waren en de wc 50 cent kostte. Dat overkomt me dit jaar niet meer.

white and blue plastic tool
Foto: CHUTTERSNAP via Unsplash

De laadpas, dé laadpas en die andere laadpas

Eén van de irritantste dingen aan elektrisch op vakantie: niet elke pas werkt op elke paal. Wij hebben er drie:

  • Een Eneco eMobility-pas voor in Nederland en België.
  • Een Shell Recharge-pas voor de hele EU — werkt ook bij IONITY-stations.
  • Een Tesla-account in de app, voor de Tesla-Superchargers die sinds 2024 ook voor andere merken zijn opengesteld.

Bij elke pas weet ik ongeveer wat het kost: bij Tesla in Frankrijk vorig jaar 41 cent per kWh in de daluren, bij IONITY 59 cent, bij sommige Franse autoroute-stations zelfs 79 cent — dat scheelt op een hele rit zo 40 tot 60 euro. Ik probeer dus zo veel mogelijk bij Tesla of Allego te laden. Niet altijd haalbaar, wel altijd te proberen.

Wat ik écht doe als we onderweg gaan opladen

Een laadstop met kinderen duurt bij ons altijd 25 tot 35 minuten — niet omdat de auto langer nodig heeft, maar omdat één kind plast, één kind dorst heeft, één kind een snack wil en er ergens een schoen kwijt is. Dat past ongeveer met onze auto, die in ongeveer 25 minuten van 20 naar 80 procent gaat aan een snellader. Ik probeer altijd te zorgen dat we niet onder de 15 procent komen voordat we stoppen — niet vanwege de auto (die kan veel minder hebben), maar vanwege mij. Onder de 15 word ik nerveus en zenuwachtig en dan word ik geen prettige reisgenoot voor mijn vriend. We hebben in 2024 één keer met 4 procent een laadpaal bereikt. Eén keer was genoeg.

Onze accommodatie heeft (geen) laadpunt

Bij het boeken kijk ik nu altijd of er een laadmogelijkheid is op de plek waar we slapen. Dat hoeft geen snellader te zijn — een gewone stekker of een type 2-aansluiting is prima, dat laadt langzaam maar je staat er toch ‘s nachts. Vorig jaar in de Vogezen hadden we geluk: de camping had drie type-2-palen en wij waren de enige met een EV. We laadden ‘s nachts vol voor 8 euro per nacht. Goedkoper dan tanken zou ooit lukken. De andere camping waar we ook hadden willen reserveren had geen enkel laadpunt en ik had me dan iedere dag moeten voorrekenen wanneer we waar zouden gaan laden. Geen vakantie.

Wat de auto wel doet en wat ik moet doen

Ik vertrouwde vroeger te veel op de auto. De auto rekent uit wat zijn verbruik wordt, hoe ver hij komt, waar hij wil opladen. Maar de auto weet niet dat we de airco harder zetten omdat het 34 graden is, dat we met dakkoffer en fietsendrager rijden en daarom 20 tot 25 procent meer verbruiken, dat we in de bergen extra accu inleveren bij het klimmen (en gelukkig terugkrijgen bij het dalen). ABRP weet dat allemaal wél, als je het inputt. Een paar minuten avondvoorbereiding op zondag scheelt drie kritieke situaties op donderdag. Mijn tip: voer altijd het echte gewicht en de echte snelheid in.

a person pumping gas into a car at a gas station
Foto: Zaptec via Unsplash

Tot slot — is het de moeite waard?

Heel eerlijk: ja. Wij sparen op een vakantie van twee weken Frankrijk ongeveer 250 tot 350 euro aan brandstof, ondanks de duurdere snellaadpalen onderweg. Onze reis is iets langer (we rekenen één extra uur per dag), maar ook rustiger omdat we vaker stoppen. De kinderen verveelden zich minder. Mijn vriend en ik praten weer — dat klinkt dramatisch maar bij een normale tankbeurt zou hij gewoon achter het stuur blijven en ik mijn telefoon hebben gepakt. Nu lopen we even rond, drinken koffie, lachen omdat er bij een Auchan een eend langs de kassa loopt. Als je nog meer wilt weten over praktische voorbereidingen, lees dan ook de checklist die ik altijd af-tik voordat we op autoreis gaan — die is grotendeels hetzelfde, maar de elektrische versie heeft een paar extra dingen. Reizen jullie elektrisch deze zomer, of nog twijfelend? Laat het me weten — ik beantwoord het liefst de vragen die me twee jaar geleden zelf wakker hielden.

Show Full Content

About Author View Posts

marlieke

Marlieke is moeder van Eva en Liza. Ze is in 2014 geëmigreerd naar Zwitserland en houdt je op Lovethat op de hoogte van haar leven daar. Als moeder, als vrouw, als zelfstandig ondernemer en vooral als zichzelf.

Previous Hoe ik leer fotograferen met mijn telefoon (en het bijhoudt)
This is the most recent story.

Comments

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Close
Close